Dieren

Hond & kat


Meer dan de helft van de Franse gezinnen bezit een huisdier; meestal een hond (10 miljoen) of een kat (7 miljoen). De meeste Fransen kopen hun huisdier niet, maar krijgen het cadeau, van familie of vrienden. Wie in Frankrijk een hond wil kopen, kan naar een kennel (chenil) gaan, zich in verbinding stellen met de plaatselijke afdeling van de dierenbescherming (SPA – Société protectrice des animaux), kijken naar advertenties in de lokale krant, of – als je een rashond wil aanschaffen – wat surfen op internet en via de bekende zoekmachines naar de Franse fokkers van het begeerde hondenras gaan.
Officieel moet de verkoper een papier overhandigen, dat door beide partijen wordt ondertekend en waarin aankoopdatum, ras en prijs zijn vermeld. Hondjes en katjes die jonger zijn dan 8 weken mogen nog niet worden verkocht. Verder moet hij een gezondheidscertificaat van de dierenarts leveren en de tatoeagepapieren. Honden die ouder zijn dan vier maanden moeten een tatoeage hebben. En bij rashonden moeten uiteraard ook de stamboompapieren aan de nieuwe eigenaar worden overhandigd. Kom je via het amicale circuit aan een puppy (chiot, spreek uit: sjoo) of een katje (chaton), dan zal je bij de dierenarts de nodige zaken moeten regelen, zoals inentingen en het aanbrengen van een tatoeage of chip.

Naast de gebruikelijke vaccinaties valt ook te denken aan het extra laten inenten tegen die lastige teken (tiques) en tegen hondsdolheid. Dat laatste is verplicht als je met je hond of je kat landsgrenzen wil overschrijden. Bij de prik tegen rabiës ontvangt de eigenaar van het dier een certificaat. De Société Centrale Canine (SCC), de instelling die te vergelijken is met de Nederlandse Raad van Beheer op kynologisch gebied, houdt zich o.m. bezig met de administratie van de identificatiepapieren van de hond en het bijhouden van de stamboeken. Raskatten worden geregistreerd in de cat clubs binnen de Fédération française féline (FFF).

Bij het zoekraken van de hond kan men de tatoeage (drie letters en drie cijfers, aangebracht meestal in het oor) melden op de Mairie of bij de politie. Mensen die een verdwaalde hond hebben gevonden, kunnen via de tatoeage achter het adres van het baasje komen. Het Franse ministerie van Landbouw heeft ook de chip toegelaten als herkenningsmiddel van hond en kat. De chip (la puce) wordt door een dierenarts onder de huid, links van de hals, ingebracht (kosten € 46 tot € 77). Frankrijk doet nu ook mee aan het Europees herkenningssysteem. Wanneer men een in Nederland gemerkt huisdier meeneemt naar het definitieve of tweede huis in Frankrijk, moet men contact opnemen met de Stichting Nederlandse Databank Gezelschapsdieren, de NDG, Postbus 74025, 1070 BA Amsterdam om ervoor te zorgen dat alle gegevens worden doorgegeven aan een Franse databank (SCC of FFF).

De eigenaar of de houder van de hond is verantwoordelijk voor de gedragingen van zijn viervoeter. Schade of verwondingen moeten worden vergoed; meestal is dit gedekt door de WA-verzekering (assurance de responsabilité civile), inbegrepen bij de verzekering van het huis. Maar als de schade het gevolg is van een fout van het slachtoffer, behoeft er niets te worden vergoed. Als iemand bijvoorbeeld een huis betreedt met een duidelijk opschrift chien méchant en hij wordt gebeten, dan is dat pech voor het slachtoffer. De eigenaar is dan niet verantwoordelijk.

Het is ook mogelijk afzonderlijke ziektekostenverzekeringen voor het huisdier af te sluiten. De hoogte van de premie is o.m. afhankelijk van de leeftijd van het dier. Een volledig pakket voor een hond van 2 jaar kost rond de € 27 per maand en voor een kat van die leeftijd circa € 20. Ook is het mogelijk tot een maximum van ruim € 400 vergoed te krijgen als hond of kat wegens persoonlijke omstandigheden (ziekenhuisopname bijvoorbeeld) tijdelijk naar een kennel moet. De dierenarts heeft folders in de wachtkamer liggen over deze verzekeringsvorm.

 

Dierenpaspoort


De invoering van een Europees dierenpaspoort is per 1 oktober 2004 gerealiseerd. Het nieuwe paspoort wordt afgeleverd door de dierenarts en levert het bewijs dat het betrokken dier is gevaccineerd tegen hondsdolheid (rabiës) en dat hij is geïdentificeerd door een elektronische chip of, voor een overgangsperiode van 8 jaar, een tatoeage. Voor jonge dieren die nog niet kunnen worden geprikt, is een vergunning te krijgen om te reizen.
Voor het reizen met hond of kat naar Frankrijk luiden de nieuwe regels:
Rabiësvaccinatie is noodzakelijk. De dierenartsen adviseren om dat de eerste keer ten ministe 30 dagen voor het vertrek te laten doen.
Identificatie: chip (of goed leesbare tatoeage).
Dier jonger dan drie maanden: hoeft niet gevaccineerd te worden tegen rabiës, maar moet vergezeld worden door de moeder waarvan het nog afhankelijk is, of, er moet een verklaring zijn dat het jong tot aan de reis is opgegroeid op de geboorteplek en niet in contact is geweest met dieren die mogelijk besmet waren met rabiës.
Meer dieren: voor invoer van meer dan drie dieren (niet is gemeld of dat per persoon of per gezin is; het laatste wordt verondersteld) is een invoervervunning nodig, aan te vragen bij het Ministère de l’Agriculture et de la Pêche, Sous-Direction Santé en Protection Animales, Bureau de la Protection Animlae, 251, rue de Vaugirard, 75732 Paris Cedex 15. Tel 0033 1 49 55 84 72, fax 0033 1 49 55 81 97. Bij de aanvraag moet men verleden naam/adres van de eigenaar en vakantieadres in Frankrijk, duur van het verblijf in Frankrijk en opgave van het aantal huisideren (diersoort, ras, leeftijd, tijdelijk of definitief verblijf). Heb je bijvoorbeeld minder dan 3 ratten of andere kleine knaagdieren die mee moeten naar Frankrijk, dan volstaat een gezondheidsverklaring van de dierenarts. Zijn er meer van dergelijke beesten, dan is naast de gezondheidsverklaring ook het formulier nodig dat is terugontvangen van het Ministère d’Agriculture; dit formulier kun je eerst downloaden bij de Franse ambassade en dan faxen naar het Ministere d’Agriculture.